Statuten van de vereniging

Naam en zetel.

Artikel 1.

1. De vereniging draagt de naam: VERENIGING EERSTE HULP BIJ ONGELUKKEN AFDELING ZWOLLE EN OMSTREKEN, aangesloten bij de Koninklijke Nederlandse Vereniging eerste Hulp Bij Ongelukken.
Zij is opgericht op tien juni negentienhonderd zesentwintig en thans aangegaan voor onbepaalde tijd.

2. Zij is gevestigd te Zwolle.

Doel.

Artikel 2.

1. De vereniging stelt zich ten doel het verlenen van eerste hulp bij ongelukken en het bevorderen van de daartoe vereiste kennis.
2. De vereniging tracht dit doel te bereiken door:

a. het geven van cursussen in het verlenen van eerste hulp bij ongelukken;
b. het houden van oefeningen, lezingen, enzovoort;
c. het zenden van helpers (helpsters) en materiaal naar plaatsen, waar deze van nut zijn;
d. samenwerking met verenigingen en instellingen, die hetzelfde doel beogen of aan het bereiken van dat doel kunnen bijdragen;
e. alle wettig en zedelijk geoorloofde middelen die aan het doel bevorderlijk kunnen zijn en die niet in strijd zijn met de statuten van de Koninklijke Nederlandse Vereniging Eerste Hulp Bij Ongelukken;
f. al hetgeen te dezer zake nader is omschreven in het na te noemen Huishoudelijk Reglement.

Geldmiddelen.

Artikel 3.

1. De geldmiddelen van de vereniging bestaan uit:

a. cursusgelden, die door de algemene vergadering worden vastgesteld;
b. contributies van leden;
c. bijdragen van de aspirant-leden en de begunstigers;
d. erfstellingen, legaten en schenkingen;
e. opbrengsten van ten bate van de vereniging te houden collectes of verlotingen;
f. subsidies;
g. andere verdere toevallige baten en inkomsten welke aan de vereniging opkomen.

2. Erfstellingen mogen slechts worden aanvaard onder het voorrecht van de boedelbeschrijving.

Leden.

Artikel 4.

1. Leden van de vereniging kunnen zijn personen die de zestienjarige leeftijd hebben bereikt.
2. Minderjarigen die de zestienjarige leeftijd nog niet hebben bereikt, kunnen aspirant-lid worden na verkregen schriftelijke toestemming van hun wettelijke vertegenwoordiger.
3. Het bestuur houdt een register waarin de namen en adressen van alle leden zijn opgenomen.

Begunstigers, leden van verdienste, ereleden en aspirant-leden.

Artikel 5.

1. a. Begunstigers zijn zij, die zich bereid verklaard hebben de vereniging financieel te steunen met een door de algemene vergadering vast te stellen minimumbijdrage.
b. Aspirant-leden zijn zij, die aan de activiteiten van de vereniging deelnemen, doch nog niet de zestienjarige leeftijd hebben bereikt.
2. Op voordracht van het bestuur kunnen door de algemene vergadering leden van verdienste en ereleden worden benoemd.
Leden van verdienste en ereleden zijn leden.
3. Begunstigers en aspirant-leden hebben geen andere rechten en verplichtingen dan die, welke hun bij of krachtens de statuten zijn toegekend en opgelegd.

Aanmelding en toelating.

Artikel 6:

1. het bestuur beslist over de toelating van leden, aspirant-leden en begunstigers.
2. Aanmelding als lid van de vereniging geschiedt door een schriftelijk verzoek bij de secretaris casu quo ledenadministratie van de vereniging.
Zo spoedig mogelijk na ontvangst van het verzoek beslist het bestuur over toelating en doet schriftelijk mededeling aan de betrokkene van het besluit.
3. Bij niet toelating tot lid kan de algemene ledenvergadering alsnog tot toelating besluiten, echter slechts met een meerderheid van tenminste twee/derde van de uitgebrachte stemmen.
4. Zij die door het bestuur van de Koninklijke Nederlandse Vereniging Eerste Hulp Bij Ongelukken of een afdeling daarvan zijn geschorst dan wel zijn geroyeerd, kunnen geen lid van de vereniging worden of zijn.

Einde van het lidmaatschap.

Artikel 7.

1.Heet lidmaatschap van de vereniging eindigt:

a. door overlijden vaan het lid;
b. door schriftelijke opzegging door het lid aan de secretaris casu quo ledenadministratie van de vereniging;
c. door opzegging namens de vereniging. Deze kan geschieden wanneer een lid heeft opgehouden aan de vereisten voor het lidmaatschap bij de statuten gesteld te voldoen, wanneer hij zijn verplichtingen jegens de vereniging niet nakomt, alsook wanneer redelijkerwijs van de vereniging niet gevergd kan worden het lidmaatschap te laten voortduren;
d. door ontzetting. Deze kan alleen worden uitgesproken wanneer een lid in strijd met de statuten, reglementen of besluiten van de vereniging handelt, of de vereniging op onredelijke wijze benadeelt.
2. Opzegging namens de vereniging geschiedt door het bestuur.
3. Opzegging van het lidmaatschap door het lid of door de vereniging kan slechts geschieden tegen het einde van het activiteitenjaar en met inachtneming van een opzegtermijn van vier weken.
Het lidmaatschap kan echter onmiddellijk worden beëindigd, indien van de vereniging of van het lid redelijkerwijs niet gevergd kan worden het lidmaatschap te laten voortduren.
4. Een opzegging in strijd met het bepaalde in het vorige lid, doet het lidmaatschap eindigen op de datum waartegen was opgezegd.
5. Een lid is niet bevoegd door opzegging van zijn lidmaatschap een besluit waarbij de verplichtingen van de leden van geldelijke aard zijn verzwaard, te zijnen opzichte uit te sluiten.
6. Ontzetting uit het lidmaatschap geschiedt door het bestuur.
7. Van een besluit tot opzegging van het lidmaatschap door de vereniging op grond dat redelijkerwijs van de vereniging niet gevergd kan worden het lidmaatschap te laten voortduren en van een besluit tot ontzetting uit het lidmaatschap staat de betrokkene binnen één maand na ontvangst van de kennisgeving van het besluit beroep open op de algemene vergadering.
Hij wordt daartoe binnen één week na het besluit, bij aangetekend schrijven, van het besluit, met opgave van redenen, in kennis gesteld.
8. Wanneer het lidmaatschap in de loop van een activiteitenjaar eindigt, blijft desalniettemin de contributie tot aan het eind van het activiteitenjaar verschuldigd.

Schorsing.

Artikel 8.

1. Wanneer een lid handelt in strijd met de statuten, het huishoudelijk reglement of de besluiten van de vereniging, of wanneer het zodanig handelt, dat dit redelijkerwijs niet van de vereniging kan worden gevergd, kan het door het bestuur van de vereniging worden geschorst voor een periode van ten hoogste vier weken.
2. Indien een schorsing niet wordt gevolgd door een besluit tot ontzetting uit – of tot opzegging van – het lidmaatschap, wordt de schorsing opgeheven door verloop van de termijn, waarvoor deze werd ingesteld.
3. Gedurende de beroepstermijn en gedurende de behandeling van het beroep is het lid geschorst met betrekking tot de uitoefening van zijn rechten aan zijn lidmaatschap verbonden, behoudens dat hij het recht heeft te verlangen in de gelegenheid gesteld te worden de door de vereniging of de door een andere daartoe door het hoofdbestuur van de Koninklijke Nederlandse Vereniging Eerste Hulp Bij Ongelukken aangewezen afdeling georganiseerde cursussen en/of herhalingsoefeningen bij te wonen, zulks ter voorkoming dat zijn eenheidsdiploma of enig ander door de Koninklijke Nationale Bond voor Reddingswezen en Eerste Hulp Bij Ongelukken “het Oranje Kruis” verstrekt diploma en bijbehorende aantekeningen gedurende de beroepsperiode of tijdens de behandeling van zijn beroep zijn geldigheid zouden verliezen.
Voorts behoudt hij het recht van toegang tot dat gedeelte van de algemene vergadering, tijdens welke het besluit tot schorsing, tot opzegging van – of tot ontzetting uit – het lidmaatschap wordt behandeld. Hij is dan wèl gerechtigd aan de beraadslagingen deel te nemen, maar niet bevoegd het stemrecht uit te oefenen.

Rechten van begunstigers en aspirant-leden.

Artikel 9.

Behalve de overige rechten die aan begunstigers en aspirant-leden bij of krachtens deze statuten worden toegekend, hebben zij het recht de door de vereniging voor haar leden georganiseerde evenementen met een niet huishoudelijk karakter bij te wonen.

Einde van rechten en verplichtingen van begunstigers en aspirant-leden.

Artikel 10.

1. De rechten en verplichtingen van begunstigers en aspirant-leden kunnen te allen tijde wederzijds door opzegging worden beëindigd, behoudens dat de jaarlijkse bijdrage over het lopende activiteitenjaar voor het geheel verschuldigd blijft.
2. Opzegging namens de vereniging geschiedt door het bestuur.

Contributie/bijdrage.

Artikel 11.

1. De leden, aspirant-leden en begunstigers zijn gehouden tot het betalen van een jaarlijkse contributie/bijdrage, die door de algemene vergadering wordt vastgesteld. Zij kunnen daartoe in categorieën worden ingedeeld, die een verschillende contributie/bijdrage betalen.
Leden van verdienste en ereleden betalen geen contributie.
2. Het bestuur is bevoegd in bijzondere gevallen gehele of gedeeltelijke ontheffing van de verplichting tot het betalen van contributie/bijdrage te verlenen.

Bestuur.

Artikel 12.

1. Het bestuur bestaat uit een oneven aantal personen met een minimum van zeven, waaronder een voorzitter, een secretaris en een penningmeester die alle drie meerderjarig moeten zijn.
2. Het bestuur wordt door de algemene vergadering gekozen en benoemd uit de leden en wel uit een voordracht opgesteld door het bestuur en/of de leden.
3. De algemene vergadering kan echter besluiten dat één lid van het bestuur buiten de leden wordt benoemd.
4. De voorzitter wordt door de algemene vergadering in functie gekozen.
Het bestuur wijst uit zijn midden een secretaris en een penningmeester aan. Het kan voor elk van hen, alsmede voor de voorzitter, een plaatsvervanger aanwijzen.
5. De benoeming van bestuursleden geschiedt uit één of meer bindende voordrachten, behoudens het bepaalde in lid 6.
Tot het opmaken van zulk een voordracht zijn bevoegd zowel het bestuur als tien leden.
De voordracht van het bestuur wordt bij de oproeping voor de vergadering medegedeeld.
Een voordracht door tien of meer leden moet uiterlijk achtenveertig uren vóór de aanvang van de vergadering schriftelijk bij de secretaris worden ingediend.
6. Aan elke voordracht kan het bindend karakter worden ontnomen door een besluit van de algemene vergadering genomen met een meerderheid van tenminste twee/derde van de uitgebrachte geldige stemmen.
7. Is geen voordracht opgemaakt, of besluit de algemene vergadering overeenkomstig het voorgaande lid aan de opgemaakte voordrachten het bindend advies te ontnemen, dan is de algemene vergadering vrij in haar keus.
8. De wijze van verkiezing, aftreden en vervanging van bestuursleden wordt nader bij het huishoudelijk reglement geregeld.
9. Indien in het bestuur één of meer vacatures ontstaan, blijven de overblijvende bestuursleden een bevoegd college vormen, tenzij het aantal zitting hebbende bestuursleden minder bedraagt dan het aantal vacatures.
In dat laatste geval zijn de overgebleven bestuursleden verplicht binnen een termijn van één maand na het ontstaan van de laatste vacature een algemene vergadering bijeen te roepen, waarin wordt voorzien in de ontstane vacature(s).
10. Bestuursbesluiten worden genomen met volstrekte meerderheid van stemmen, mits de meerderheid van het aantal bestuursleden ter vergadering aanwezig is.
11. Van het verhandelde in elke vergadering worden notulen en een besluitenlijst, voorzover er besluiten zijn genomen, gemaakt, die na goedkeuring door de bestuursvergadering door de voorzitter en de secretaris worden ondertekend.

Taak en bevoegdheden van het bestuur/commissies/onderafdelingen.

Artikel 13.

1. Het bestuur is belast met het besturen van de vereniging.
De vereniging wordt in en buiten rechte vertegenwoordigd door de voorzitter tezamen met de secretaris, de voorzitter tezamen met de penningmeester, dan wel de secretaris tezamen met de penningmeester.
2. Het bestuur is, met inachtneming van het bepaalde in lid 3 sub c, bevoegd tot:

a. het huren, verhuren of op andere wijze in gebruik of genot verkrijgen en geven van registergoederen;
b. het sluiten, beëindigen en wijzigen van arbeidsovereenkomsten.

3. Het bestuur is, mits met goedkeuring van de algemene vergadering, bevoegd tot:

a. het sluiten van overeenkomsten tot het kopen, vervreemden of bezwaren van registergoederen;
b. het sluiten van overeenkomsten waarbij de vereniging zich als borg of hoofdelijk medeschuldenaar verbindt, zich voor een derde sterk maakt of zich tot zekerheidstelling voor een schuld van een derde verbindt;
c. het verrichten van rechtshandelingen waarvan de financiële betekenis òf onbepaald is, òf een bij huishoudelijk reglement te bepalen bedrag te boven gaat, of waardoor de vereniging voor langer dan één jaar gebonden wordt;
d. het aangaan van overeenkomsten waarbij aan de vereniging een (bank)krediet wordt verleend;
e. het ter leen verstrekken van gelden, alsmede het ter leen opnemen van geld, waaronder niet is begrepen het gebruik maken van een aan de vereniging verleend bankkrediet;
f. het aangaan van dadingen;
g. het optreden in rechte, waaronder begrepen het voeren van arbitrale procedures, doch met uitzondering van het nemen van conservatoire maatregelen en van het nemen van die rechtsmaatregelen, die geen uitstel kunnen lijden.
Op het ontbreken van deze goedkeuring van de algemene vergadering kan, wat betreft de sub a en b bedoelde rechtshandelingen, door het bestuur tegen derden, dan wel door derden tegen de vereniging, een beroep worden gedaan, terwijl op het ontbreken van deze goedkeuring van de algemene vergadering wat betreft de sub c tot en met g bedoelde rechtshandelingen, door en tegen derden, géén beroep kan worden gedaan.

4. Het bestuur kan, met inachtneming van het bepaalde in de voorgaande leden, binnen de grens van zijn bevoegdheden één of meer van zijn leden schriftelijk machtigen voor het bestuur of de vereniging op te treden.
5. het bestuur kan uit de leden één of meer commissies instellen, waarvan de leden voor een periode van één jaar door de algemene vergadering worden benoemd. Iedere commissie bestaat uit tenminste drie leden, waaraan toegevoegd een lid van het bestuur. Laatstgenoemde heeft slechts een adviserende stem. Niet-leden kunnen eveneens als adviseur worden toegevoegd.
6. De algemene vergadering omschrijft de taak van de commissies en keurt hun eindverslagen goed.
De commissies brengen op de algemene vergadering schriftelijk verslag uit over de activiteiten in het afgelopen boekjaar.
7. Het bestuur kan de vereniging onderverdelen in onderafdelingen. Indien onderafdelingen zijn ingesteld, zal bij de eerstvolgende bestuursverkiezing het bestuur zodanig moeten worden samengesteld, dat iedere ingestelde onderafdeling door tenminste één zetel in het bestuur zal zijn vertegenwoordigd.

Rekening en verantwoording.

Artikel 14.

1. Het activiteitenjaar loopt van één juli tot en met dertig juni.
Het boekjaar ie gelijk aan het activiteitenjaar.
2. Het bestuur is verplicht van de vermogenstoestand van de vereniging zodanig aantekening te houden dat daaruit te allen tijde haar rechten en verplichtingen kunnen worden gekend.
3. Het bestuur brengt op een algemene vergadering, te houden binnen vier maanden na afloop van het boekjaar, zijn jaarverslag uit en doet, onder overlegging van een balans en een staat van baten en lasten, rekening en verantwoording over zijn in het afgelopen boekjaar gevoerd bestuur.
Na verloop van de termijn kan ieder lid deze rekening en verantwoording in rechte van het bestuur vorderen.
4. De algemene vergadering benoemt jaarlijks uit de leden een commissie van tenminste twee personen en één plaatsvervanger, die geen deel mogen uitmaken van het bestuur. De commissie onderzoekt de rekening en verantwoording van het bestuur en brengt aan de algemene vergadering verslag uit van haar bevindingen.
De wijze van verkiezing, aftreden en vervanging van deze commissieleden wordt nader bij het huishoudelijk reglement geregeld.
5. Vereist het onderzoek van de rekening en verantwoording bijzondere boekhoudkundige kennis, dan kan de commissie van onderzoek zich door een deskundige laten bijstaan. Het bestuur is verplicht aan de commissie alle door haar gewenste inlichtingen te verschaffen, haar desgewenst de kas en de waarden te vertonen en inzage van de boeken en bescheiden van de vereniging te geven.
6. De last van de commissie kan te allen tijde door de algemene vergadering worden herroepen, doch slechts door benoeming van een andere commissie.
7. Het bestuur is verplicht de bescheiden bedoeld in de leden 2 en 3, tien jaar te bewaren.

Einde bestuurslidmaatschap.

Artikel 15.

1. Elk bestuurslid, ook wanneer het voor een bepaalde tijd is benoemd, kan te allen tijde door de algemene vergadering worden geschorst of ontslagen.
Een schorsing welke niet binnen drie maanden wordt vervolgd door een besluit tot ontslag, eindigt door verloop van de termijn.
2. Het bestuurslidmaatschap eindigt voorts:

a. ten aanzien van een bestuurslid dat uit de leden is benoemd, door het eindigen van het lidmaatschap van de vereniging, alsmede door bedanken;
b. ten aanzien van het bestuurslid dat niet uit de leden is benoemd, door overlijden, ontslag en bedanken.

Algemene vergaderingen.

Artikel 16.

1.Aan de algemene vergadering komen in de vereniging alle bevoegdheden toe, die niet door de wet of de statuten aan het bestuur zijn opgedragen.
2. Jaarlijks, binnen vier maanden na afloop van het boekjaar, wordt een algemene vergadering – de jaarvergadering – gehouden.
In de jaarvergadering komen onder meer aan de orde:

a. de notulen van de laatst gehouden algemene vergadering en/of buitengewone vergadering;
b. het jaarverslag en de rekening en verantwoording als bedoeld in artikel 14 lid 3;
c. het verslag door de commissie, als bedoeld in artikel 14 lid 4;
d. de verslagen van de in artikel 13 bedoelde commissies;
e. de benoeming van de in artikel 14 lid 4 genoemde commissie voor het volgende boekjaar;
f. de vaststelling van de contributie/bijdrage en het cursusgeld voor het komende activiteitenjaar;
g. de begroting voor het volgende boekjaar;
h. de voorziening in eventuele vacatures en/of benoeming van leden van het bestuur en van de diverse commissies;
i. voorstellen van het bestuur of de leden, aangekondigd bij de oproeping vóór de vergadering.

3. Andere algemene vergaderingen dan de vorenbedoelde jaarvergadering worden gehouden zo dikwijls het bestuur dit wenselijk acht, of wanneer het daartoe volgens de wet of de statuten verplicht is.
4. Voorts is het bestuur op schriftelijk verzoek van tenminste één/tiende van het aantal stemgerechtigde leden verplicht tot het bijeenroepen van een buitengewone ledenvergadering, op een termijn van niet langer dan vier weken.
Indien aan het verzoek binnen veertien dagen geen gevolg wordt gegeven, kunnen de verzoekers zelf tot die bijeenroeping overgaan door oproeping overeenkomstig artikel 17, of bij advertentie in tenminste één ter plaatse waar de vereniging gevestigd is, veel gelezen dag- of weekblad.

Bijeenroeping algemene vergadering.

Artikel 17.

1. De algemene vergaderingen worden bijeengeroepen door het bestuur. De oproeping geschiedt schriftelijk aan de adressen van alle leden volgens het ledenregister, bedoeld in artikel 4, met inachtneming van een termijn van tenminste veertien dagen.
2. Bij de oproeping worden de te behandelen onderwerpen vermeld onverminderd het bepaalde in de artikelen 21 en 22.

Toegang en stemrecht.

Artikel 18.

1. Toegang tot de algemene vergadering hebben alle leden.
Geen toegang hebben geschorste bestuursleden en, met inachtneming van het derde lid van artikel 8, geschorste leden.
2. Over toelating van andere dan de in lid 1 bedoelde personen beslist de algemene vergadering.
3. Ieder lid van de vereniging dat niet geschorst is, heeft één stem.
4. Een lid kan zijn stem niet door een daartoe gemachtigd ander lid uitbrengen.

Voorzitterschap – notulen.

Artikel 19.

1. De algemene vergaderingen worden geleid door de voorzitter van het bestuur of zijn plaatsvervanger.
Is de voorzitter of zijn plaatsvervanger niet aanwezig, dan treedt één van de andere bestuursleden als voorzitter op.
Wordt ook op deze wijze niet in het voorzitterschap voorzien, dan voorziet de vergadering daarin zelf.
2. Van het verhandelde in elke vergadering worden door de secretaris of een ander door de voorzitter daartoe aangewezen persoon notulen gemaakt, die door de voorzitter en de notulist worden ondertekend.
3. De inhoud van de notulen wordt ter kennis van de leden gebracht.
Zij die de vergadering bijeenroepen als bedoeld in artikel 16 lid 4, kunnen een notarieel proces-verbaal van het verhandelde doen opmaken.

Besluitvorming.

Artikel 20.

1. Het ter algemene vergadering uitgesproken oordeel van de voorzitter dat door de vergadering een besluit is genomen, is beslissend.
Hetzelfde geldt voor de inhoud van een genomen besluit voorzover gestemd werd over een niet schriftelijk vastgelegd voorstel.
2. Wordt echter onmiddellijk na het uitspreken van het in het eerste lid bedoeld oordeel de juistheid daarvan betwist, dan vindt er een nieuwe stemming plaats, wanneer de meerderheid van de vergadering of, indien de oorspronkelijke stemming niet hoofdelijk of schriftelijk geschiedde, tenminste één stemgerechtigde aanwezige dit verlangt. Door deze nieuwe stemming vervallen de rechtsgevolgen van de oorspronkelijke stemming.
3. Voorzover de statuten, het huishoudelijk reglement of de wet niet anders bepalen, worden alle besluiten van de algemene vergadering genomen met volstrekte meerderheid van stemmen.
In deze vergadering kunnen geldige besluiten worden genomen met volstrekte meerderheid van stemmen ongeacht het aantal leden dat tegenwoordig is.
Onder volstrekte meerderheid van stemmen wordt verstaan de meerderheid van het totaal aantal op de desbetreffende vergadering, blijkens de presentielijst, uit te brengen stemmen.
4. Blanco en niet juist uitgebrachte stemmen tellen niet mee.
Als niet juist uitgebrachte stemmen worden aangemerkt stembiljetten die:

a. ondertekend zijn;
b. onleesbaar zijn;
c. een persoon niet duidelijk aanwijzen;
d. de naam bevatten van een persoon die niet benoembaar is;
e. voor iedere verkiesbare plaats meer dan één naam bevatten;
f. meer bevatten dan een duidelijke aanwijzing van de persoon of zaak die bedoeld is.

5. Indien bij een stemming over personen niemand de volstrekte meerderheid heeft verkregen, heeft een tweede stemming of ingeval van een bindende voordracht, een tweede stemming tussen de voorgedragen kandidaten plaats.
Heeft alsdan weer niemand de volstrekte meerderheid verkregen, dan vinden herstemmingen plaats, totdat hetzij één persoon de volstrekte meerderheid heeft verkregen, hetzij tussen twee personen is gestemd en de stemmen staken.
Bij gemelde herstemmingen (waaronder niet is begrepen de tweede stemming) wordt telkens gestemd tussen de personen op wie bij de voorgaande stemming is gestemd, evenwel uitgezonderd de personen, op wie bij die voorgaande stemming het geringste aantal stemmen is uitgebracht. Is bij die voorafgaande stemming het geringste aantal stemmen op meer dan één persoon uitgebracht, dan wordt door loting uitgemaakt, op wie van die personen bij de nieuwe stemming geen stemmen meer kunnen worden uitgebracht.
Ingeval bij een stemming tussen twee personen de stemmen staken, beslist het lot wie van beiden is gekozen.
6. Indien de stemmen staken over een voorstel niet rakende benoeming van personen, dan is het voorstel verworpen.
7. Stemmingen niet rakende verkiezing van personen, geschieden mondeling, tenzij de voorzitter een schriftelijke stemming gewenst acht, of één van de stemgerechtigden zulks vóór de stemming verlangt. Schriftelijke stemming geschiedt bij ongetekende, gesloten briefjes. Besluitvorming bij acclamatie is mogelijk, tenzij tenminste één stemgerechtigde hoofdelijke stemming verlangt.
8. Een éénstemmig besluit van alle leden, ook al zijn deze niet in een vergadering bijeen, heeft, mits met voorkennis van het bestuur genomen, dezelfde kracht als een besluit van de algemene vergadering.
9. Zolang in een algemene vergadering alle leden aanwezig zijn, kunnen geldige besluiten worden genomen, mits met algemene stemmen, omtrent alle aan de orde komende onderwerpen – dus mede een voorstel tot statutenwijziging of tot ontbinding – ook al heeft geen oproeping plaats gehad of ook al is deze niet op de voorgeschreven wijze geschied of ook al is enig ander voorschrift omtrent het oproepen en houden van vergaderingen of een daarmee verband houdende formaliteit niet in acht genomen.

Statutenwijziging.

Artikel 21.

1. De statuten van de vereniging kunnen worden gewijzigd door een besluit van een algemene vergadering, mits de oproeping tot deze vergadering tenminste vier weken tevoren heeft plaatsgevonden en in de oproeping het voorstel tot statutenwijziging woordelijk is vermeld.
2. Zij die de oproeping tot de algemene vergadering ter behandeling van een voorstel tot statutenwijziging hebben gedaan, moeten tenminste veertien dagen vóór de vergadering een afschrift van dat voorstel, waarin de voorgedragen wijziging is opgenomen, op een daartoe geschikte plaats voor de leden ter inzage leggen tot na afloop van de dag waarop de vergadering wordt gehouden.
3. Een besluit tot statutenwijziging moet worden genomen met een meerderheid van tenminste twee/derde van de uitgebrachte geldige stemmen, in een vergadering waarin tenminste vijftig leden aanwezig zijn.
Zijn er niet tenminste vijftig leden aanwezig, dan wordt binnen vier weken, doch niet eerder dan één week daarna, een tweede vergadering bijeengeroepen en gehouden, waarin over het voorstel, zoals dat in de vorige vergadering aan de orde is geweest, ongeacht het aantal aanwezige leden, kan worden besloten, mits met een meerderheid van tenminste twee/derde van de uitgebrachte geldige stemmen.
4. een statutenwijziging treedt niet in werking dan nadat:

a. het hoofdbestuur van de Koninklijke Nederlandse Vereniging Eerste Hulp Bij Ongelukken, door het bestuur van de vereniging daarom verzocht, schriftelijk te kennen heeft gegeven geen bezwaar te hebben tegen het genomen besluit;en
b. van deze statutenwijziging een notariële akte is opgemaakt; en
c. een authentiek afschrift van deze notariële akte is ingeschreven en neergelegd in het Verenigingenregister van de Kamer van Koophandel en Fabrieken binnen welker gebied de vereniging gevestigd is.

Ontbinding en vereffening.

Artikel 22.

1. De vereniging kan ten allen tijde worden ontbonden.
2. Het bepaalde in de leden 1, 2, 3 en 4 van het voorgaande artikel is van overeenkomstige toepassing.
3. Bij de oproeping tot de daartoe volgens deze statuten vereiste vergadering(en) moet worden medegedeeld, dat ter vergadering zal worden voorgesteld, de vereniging te ontbinden.
4. Een besluit tot ontbinding wordt geacht tevens een besluit tot vereffening te zijn. Indien bij een zodanig besluit te dien aanzien geen andere regelingen zijn gesteld, geschiedt de vereffening door het bestuur.
5. Een eventueel batig saldo na vereffening zal door de vereffenaars worden bestemd voor een doel, dat zoveel mogelijk met het doel van de vereniging overeenkomt. Wat betreft subsidiegelden zal overleg worden gepleegd met de subsidiegevende instanties in kwestie.
6. Na.de ontbinding blijft de vereniging voortbestaan voorzover en zolang als dit voor de vereffening van haar vermogen nodig is. Gedurende de vereffening blijven de bepalingen van de statuten en reglementen voorzover mogelijk van kracht.
In stukken en aankondigingen die alsdan van de vereniging uitgaan, moet aan haar naam worden toegevoegd:”in liquidatie”.

Reglementen.

Artikel 23.

1. De algemene vergadering kan één of meer reglementen vaststellen en daarin wijzigingen aanbrengen.
2. De reglementen mogen niet in strijd zijn met de wet, ook waar die geen dwingend recht bevat, noch de statuten.

Slotbepaling.

Artikel 24.

Zolang de vereniging deel uitmaakt van de Koninklijke Nederlandse Vereniging Eerste Hulp Bij Ongelukken mogen de statuten en reglementen niet in strijd zijn met de statuten en reglementen van de Koninklijke Nederlandse Vereniging Eerste Hulp Bij Ongelukken.